Garnaalkroketjes op een lepeltje

Hoeveelheid Ingrediënt
250 gr garnaalpellen
1 ui
1 takje witte selder
1 teentje look
1 cl olijfolie
1 kl tomatenpuree
1 dl droge witte wijn
1 l visbouillon
2 cl cognac
1 mespuntje cayennepeper
60 gr boter
100 gr bloem
2 blaadjes gelatine
250 gr grijze garnalen
3 eiwitten
300 gr paneermeel
peper - zout
Recept afdrukken

Bereiden:

Kleur de garnaalpellen met de fijngesneden ui, selder en het teentje look in de olijfolie. Voeg de tomatenpuree toe, blus met de witte wijn en doe er 1 l water of visbouillon bij. Laat 30 minuten zachtjes koken onder een deksel.

Zeef de garnaalbouillon, voeg de cognac toe en kruid met de cayennepeper en wat zout. Smelt de boter en voeg er 80 g bloem aan toe. Droog even op het vuur en voeg dan 9 dl van de bouillon toe. Laat flink doorkoken en doe er de geweekte gelatine bij. Haal van het vuur en meng er de gepelde garnalen door. Kijk de kruiding na.

Olie een platte schaal in en stort er de garnaalmassa op. Strijk uit op 1 cm dikte. Bestrijk een vel aluminiumfolie met wat olie en leg het op de massa. Laat minstens 1 uur afkoelen in de koeling.

Rol met de hand kleine balletjes. Wentel ze eerst door de bloem, dan door het losgeklopte eiwit en dan door het paneermeel. Herhaal de bewerking, maar sla de bloem over. Frituur de balletjes in hete olie van 180 °C. Laat uitlekken op keukenpapier en leg ze op een lepeltje.